Share on LinkedInTweet about this on TwitterShare on Google+Share on FacebookEmail this to someone
Wat zijn opties?
Een bekend spreekwoord is: onbekend maakt onbemind! Dat geldt zeker voor opties. Mensen durven de vingers er niet aan te branden omdat de materie onbekend is. In een aantal hoofdstukken leggen we uit wat opties zijn, hoe ze werken en welke strategieën u kunt hanteren zodat bovenstaand spreekwoord in de toekomst niet meer op u van toepassing is. Eenmaal onder gaat er een nieuwe wereld open: er is namelijk  U hoeft dus niet alles in één keer te begrijpen; leren traden is vooral een kwestie doen Doen.


Optiehandel is kort gezegd het handelen in rechten en plichten. Opties zijn zgn. afgeleide producten (derivaten).  Dat betekent dat de prijs afgeleid is van een ander product.
De meest voorkomende derivaten zijn gebaseerd op:
– aandelen (en indices zoals de AEX)
– wisselkoersen
– rentevoeten
– commodities

Kenmerken van opties
Om het eenvoudig te houden is een optie gestandaardiseerd:
– de looptijd staat vast (1 dag tot 5 jaar)
– de contractgrootte staat vast (bijv. 1 optie= 100 aandelen of 100 x een index)
– uitoefenprijs staat vast
– premie is verhandelbaar. de premie is dus de enige variabele factor

callopties en putopties
De koper van een call of putoptie heeft een RECHT.  De tegenpartij van een koper is de schrijver (verkoper) en heeft een PLICHT. In hoofdstuk 1 gaan we hier dieper op in. In onderstaand schema ziet u alle kenmerken en facetten van opties.
optieschema
De koper betaalt dus de premie van de optie aan de schijver. De schrijver (verkoper) ontvangt deze premie.
De koper van een calloptie heeft een kooprecht, de koper van een putoptie heeft een verkooprecht.
De schrijver van een calloptie heeft een verkoopplicht; de schrijver van een putoptie heeft een koopplicht.

winst-verlies
De koper van een optie weet bij het aangaan van zijn positie (openingskoop) wat zijn maximale te behalen verlies kan zijn. Dit is namelijk de betaalde optiepremie
De verkoper (schrijver) van een optie, weet bij het aangaan van zijn positie (openingsverkoop) wat zijn maximale te behalen winst kan zijn. Dit is namelijk de ontvangen optiepremie. Er bestaat vaak verwarring in de optiehandel met betrekking tot het woord ”verkoop” van een optie.  Het kan namelijk een openingsverkoop zijn (in vakjargon: short gaan) of een sluitingsverkoop zijn. Daarom is het gebruikelijk om in optietermen te spreken over het ”schrijven” van opties in plaats van het verkopen van opties. Schrijven betekent:  iets verkopen wat je niet hebt. Een openingsverkoop heet dus in vakjargon het schrijven van een optie. Dit kan zowel een call als een put zijn.

Wat bepaalt de prijs van een optie?
Een optie kan bestaan uit intrinsieke waarde en tijds- of verwachtingswaarde.
De intrinsieke waarde: wat is de optie werkelijk waard
Verwachtingswaarde wordt bepaald door verschillende factoren.
  • Hoe ver is de optie OUT of the MONEY  (bijvoorbeeld koers shell is 20 euro;  de put 15 is dan 5 euro out of the money; en de call 25 is ook 5 euro out of the money. De put en call met uitoefenprijs 20 zijn op dat moment AT THE MONEY en de call 15 of put 25 hebben 5 euro intrinsieke waarde en zijn dus IN THE MONEY.
  • hoeveel resterende looptijd is er nog
  •  wat doet de rentevoet
  • hoe beweeglijk is de onderliggende waarde 
  • wordt er dividend uitgekeerd
Ook hier gaan we in de volgende hoofdstukken dieper op in.

Optiestijlen
Opties op aandelen hebben Amerikaanse stijl. Dat betekent dat ze in prinicipe ten alle tijden kunnen worden uitgeoefend.
Opties op indices zijn Europese stijl. Dat betekent dat ze alleen op einddatum (expiratie) kunnen worden uitgeoefend.

Expiratie
Tussen half 4 en 4 uur worden dagelijks de index-opties afgewikkeld. Dit is optie expiratie. De afrekenkoers is 31 x stand aex /31. Bij aandelenexpiratie gelden andere regels; daarvoor geldt de slotkoers van die dag.

Dekkingseisen
Bij het schrijven van opties, dient er voldoende zekerheid te zijn dat de schrijver aan zijn verplichting zal kunnen voldoen. Deze dekkingseis heet ”marginverplichting”. Er moeten dus altijd voldoende middelen aanwezig zijn om marginverplichtingen aan te kunnen gaan. De bank of broker bepaalt welke zekerheid de schrijver moet geven. Het is dus niet zo dat de margineisen bij alle brokers hetzelfde zijn.